RMS - VMS Volkmarsen
1972 - 1992/93

Historiek RMS-VMS

Bij het ontstaan van het Belgisch onderwijs in de BSD na de Tweede Wereldoorlog volgden de BSD-kinderen secundair onderwijs in Rösrath.
In 1965 werden de Nederlandtalige leerlingen naar Schloss in Bensberg overgedragen, in wat het "Koninklijk Atheneum Bensberg" zou worden. Door het nijpend gebrek aan lokalen, het overbevolkte internaat en de enorme afstand (omg. 230 km tussen Arolsen en Bensberg, maar meer dan 45 jaar geleden nog overwegend zonder autostrade!) werd de noodzaak van middelbaar onderwijs in de Oostsector meer en meer aangevoeld. In 1970 was het zo ver: er werd een secundaire school geopend in Soest. Het "verre oosten", de ouders in de garnizoenen Arolsen, Korbach, Essentho en Brakel namen hiermee echter geen genoegen.

De heer en mevrouw Devos, Van Den Bossche en Delanghe, en Maria Verschraegen (die in Volkmarsen lerares Huishoudkunde zou worden) stapten in 1970 naar Minister Vermeylen om aan te dringen op de vestiging van een school voor middelbaar onderwijs in de Ondersector Arolsen. Dank zij de vastberadenheid, vindingrijkheid en het moedig optreden van deze kleine delegatie bezweek de aanvankelijk zeer teleurstellende en afwijzende houding van de autoriteiten. Gesteund door de voorzitters van de familieraden (Gerard Serraes uit Arolsen en de heer Van Puyvelde uit Essentho), en een aantal andere personen en organisaties slaagden de ouders in extremis in hun opzet: Boudewijn Coopmans (directeur v/h Atheneum in Soest) kreeg de opdracht ook te starten met een "wijkmiddelbare afdeling" in Essentho op 1 september 1970. Op 1 oktober noteerde deze vestiging al 72 leerlingen.

Het bleek al quasi onmiddelijk dat de faciliteiten ter plaatse (eigenlijk appartementen...) niet aan de behoeften voldeden, zodat er moest uitgekeken worden naar een nieuw en geschikt onderkomen voor het volgend schooljaar. Daarvoor bood dan de sinds augustus 1970 ontruimde Duitse school in Volkmarsen de gedroomde oplossing! Op 1 september 1971 werd de nog altijd van Soest afhangende RMS-afdeling in Volkmarsen ingeplant, Am Bruch.
De school bevond zich binnen de garnizoensgrenzen van Arolsen, 9km daar vandaan. Het personeel werd op militair administratief vlak beheerd door het Eerste Jagers te Paard.

Door haar meest oostelijke ligging, relatief cultureel geïsoleerd zowel van Vlaanderen als van de grote centra in Duitsland, heeft onze school steeds de rol van het buitenbeentje gespeeld. Van alle scholen voor lager secundair onderwijs vervulde de onze ook de meest sociale functie: die kinderen in hun eigen vertrouwde en familiale kring naar volwassenheid te begeleiden, die anders van hun twaalfde af ver van huis in een internaat hadden moeten ondergebracht worden. De directie en het personeel, maar natuurlijk vooral de ouders beseften meer dan wie ook het enorme belang van de middenschool in Volkmarsen.

De school ontplooide zich snel in een volledige en bloeiende LSO-structuur zodat het Ministerie van Onderwijs besloot de middelbare afdeling vanaf 1 juli 1972 uit te roepen tot de autonome "Rijksmiddelbareschool (RMS) Volkmarsen", met Willy Vandeven uit Tessenderlo als haar eerste directeur.
 
In dat schooljaar werd uit een aantal ontwerpen van de leerlingen ook het embleem gekozen: een gans! 
Onze oudste oudleerlingenen en personeelsleden zullen zich zeker nog de talrijke ganzen herinneren die 's morgens zonder begeleiding naar de Bruch trokken en 's avonds geheel zelfstandig elk weer naar hun eigen heem terugkeerden. Ganzen bleken dus lang niet zo dom te zijn.... en vandaar die keuze voor ons embleem.

Onder Herman De Croo, minister van Natioale Opvoeding en Cultuur, werd de RMS spoedig uitgebreid tot vier secundaire leerjaren (twee graden) en het leerkrachtenkorps groeide aan tot 29 vrouwen en mannen. Weer bleek het gebouw te klein, en in september 1973 werd de constructie van de nieuwe vleugel aangevat waarin ook het zo noodzakelijk schoolrestaurant werd opgenomen. In september 1974 konden de nieuwe klaslokalen al in gebruik genomen worden.

Op 1 januari 1976 volgde Sylvain Piraux, sinds 1970 leraar lichamelijke opvoeding aan onze RMS, voornoemde directeur op die naar België terugkeerde. In die tijd werd de nieuwe werkplaats mechanica geïnstaleerd. Ook het schoolrestaurant werd geactiveerd, niet alleen ten behoeve van onze leerlingen, maar ook de kinderen van de "Basisschool Rapenburg" uit Arolsen die 's middags met militaire bussen heen en terug gereden werden. Een complete lunch (met gratis bronwater uit de Sauerbrunnen in Volkmarsen) koste toen 40 Bfr (1 euro). Een deskundig team keukenpersoneel bereidde elke middag een 300tal maaltijden onder leiding van de echtgenote van de hausmeister, Frau Klara Henze, die haar menu's wonderwel wist aan te passen aan onze Vlaamse eetgewoontes.

In 1979 vierden wij het jaar van het kind en kreeg de speelplaats een heel nieuwe look: kleurige zitelementen en dank zij Guillaume Verstegen, lereaar Plastische Opvoeding, een muurschilderij die onze vier garnizoenen voorstelde.

Na Pasen 1980 keerde ook directeur Sylvain Piraux naar België terug en nam Didier Demuynck, sinds 1972 leraar Engels-Nederlands aan onze RMS de directie over.

 Op het eind van de jaren tachtig werd het Nederlandstalig onderwijs in de BSD per decreet de bevoegdheid van de Vlaamse Gemeenschap. Voortaan moest decretaal ook met de Vlaamse Leeuw gevlagd worden, en werd de Vlaamse hymne ook op proclamaties gespeeld of gezongen, wat aanvankelijk soms verwonderde reacties opwekte bij sommige militaire overheden. Ook de naam moest veranderen: de "Rijksmiddelbareschool" werd een "Middelbare School van het Gemeenschapsonderwijs" ( M.S.G.O.). In 1989 koos onze Locale Raad meteen een nieuwe naam. De school heette nu officieel de " Vlaamse Middenschool Volkmarsen" of afgekort VMS Volkmarsen.

Toen vonden we ook dat onze VMS voldoende geprofileerd had en dat de tijd aangebroken was voor een treffende leuze naar het voorbeeld van ons omringende eenheden. Daarin moest ons imago duidelijk en kernkrachtig gevat zijn: de verste middenschool van Vlaanderen.
Na tientallen voorstellen tenslotte was het de dienstplichtige Gert Van Riel, Licentiaat klassieke Filologie in het burgerleven, die ons uit de knoei hielp met wat ons motto zou worden: Distans nec dispar.
De letterlijke vertaling: veraf maar niet op achterstand, afgelegen.

Op haar hoogtepunt telde de school bijna 250 leerlingen. Maar in de jaren tachtig lieten het effect van een terulopend geboortecijfer, een andere personeelspolitiek van het leger en vooral de verfransing van het Regiment 62A-Hawk van Essentho-Korbach zich voelen, en daalde dat cijfer sterk.

Na de val van de Berlijnse muur en het Ijzeren gordijn in noverber 1989, werden de Belgische troepen geleidelijk naar België terug getrokken. Op dinsdag 2 juni 1991, bezegelden Luc Van Den Bossche, Minister van Onderwijs en Peter Steenhaut, Voorzitter van de Centrale Raad van de ARGO ons lot: op 1 september 1991 moest onze tweede graad verdwijnen en op 1 september 1992 mochten de leerlingen van onze eerstes wel nog naar het tweede jaar, maar werd de toegang tot het eerste jaar gesloten.
De VMS doofde uit ........
 
tekst ex-directeur Didier DEMUYNCK +